Begrippenlijst - Letter B
Voor een goed begrip van het CMP is een juiste interpretatie van de gehanteerde begrippen belangrijk. In de begrippenlijst zijn alle gebruikte begrippen en hun specifieke betekenis in het kader van het CMP weergegeven. Waar mogelijk maken we gebruik van definities uit wet- en regelgeving.
Waar begrippen niet in wet- en regelgeving zijn gedefinieerd, maken we gebruik van beleidsinformatie zoals het Nationaal Programma Circulaire Economie. Bij alle overige begrippen is er sprake van een CMP-eigen invulling.
Baggerspeciedepot
Baggerspeciedepot is een terrein voor het storten van uitsluitend niet-gevaarlijke baggerspecie. Een baggerspeciedepot is een stortplaats en kan in het oppervlaktewater liggen.
Basisolie
Olie die is geproduceerd door raffinage van afgewerkte olie en geschikt is als grondstof voor de productie van nieuwe smeerolie. Bij raffinage worden in ieder geval verontreinigende stoffen, oxidatieproducten en additieven uit de olie verwijderd.
Bedrijfsafvalstoffen
Afvalstoffen, niet zijnde huishoudelijke afvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen.
Artikel 1.1 lid 1 Wet milieubeheer
Afval ontstaat bij alle bedrijven. Het betreft zowel het afval van kantoren en kantines als het afval dat ontstaat bij specifieke bedrijfsactiviteiten. Bij dit afval wordt onderscheid gemaakt tussen ‘bedrijfsafvalstoffen’ en gevaarlijke afvalstoffen. Ook industriële en procesafhankelijke afvalstoffen vallen onder de definitie van bedrijfsafvalstoffen als het afval geen gevaarlijk afval is. Onder het Besluit activiteiten leefomgeving zijn huishoudelijke afvalstoffen, nadat ze zijn ingezameld of afgegeven, ook bedrijfsafvalstoffen.
Beheer van afvalstoffen
Inzameling, vervoer, nuttige toepassing, met inbegrip van sortering, en verwijdering van afvalstoffen, met inbegrip van het toezicht op die handelingen en de nazorg voor stortplaatsen na sluiting en met inbegrip van de activiteiten van afvalstoffenhandelaars en afvalstoffenmakelaars.
Artikel 1.1 lid 1 Wet milieubeheer
Bergen in de diepe ondergrond
Het stabiliseren van ondergrondse mijnen of cavernes met afvalstoffen. Hier vallen nadrukkelijk niet onder:
- Het bergen van afgevangen CO2 in de ondergrond;
- Het terug injecteren van afvalwaterstromen/slurry’s die bij de winning van delfstoffen/zout mee naar boven zijn gekomen. Zie Injectie van afval bij de winning van gas en olie en Injectie van afval in zoutcavernes voor meer informatie over dit onderwerp.
Besluit
Een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling.
Artikel 1:3 lid 1 Algemene wet bestuursrecht
Beste beschikbare technieken
Het meest doeltreffende en geavanceerde ontwikkelingsstadium van de activiteiten en exploitatiemethoden waarbij de praktische bruikbaarheid van speciale technieken om het uitgangspunt voor de emissie grenswaarden en andere vergunningsvoorwaarden te vormen is aangetoond. Met het doel emissies en effecten op het milieu in zijn geheel te voorkomen of, wanneer dat niet mogelijk is, te beperken.
Bijlage A Omgevingswet
Het gaat hier om zowel de toegepaste technieken, als de wijze waarop de installatie wordt ontworpen, gebouwd, onderhouden, geëxploiteerd en ontmanteld.
Bestuurlijk rechtsoordeel
Een zelfstandig en definitief bedoeld oordeel van een bestuursorgaan over de toepasselijkheid van een wettelijk voorschrift aangaande de toepassing waarvan dat orgaan bevoegdheden heeft.
Uitspraak 201607055/2/A3 - Raad van State
Betonmortel
Mengsel van grondstoffen voor beton (zand, grind, cement en speciale toeslag- of vulstoffen) met water dat als een vervormbare en verpompbare slurry in een vorm en/of op de plek van toepassing wordt aangebracht en daar onder atmosferische druk uithardt.
Bijproduct
Stoffen, mengsels of voorwerpen die het resultaat zijn van een productieproces dat niet in de eerste plaats is bedoeld voor de productie van die stoffen, mengsels of voorwerpen, als wordt voldaan aan de voorwaarden uit artikel 1.1 lid 4 Wet milieubeheer.
Zie paragraaf 4.6 Bijproduct van 'Afvalstof of niet-afvalstof' voor meer uitleg bij dit begrip.
Bijstoken
Vergassen of pyrolyseren van een (bio)brandstof om het verkregen gas vervolgens samen met de reguliere brandstof in een elektriciteitscentrale om te zetten in elektriciteit en/of warmte. Bijstoken is iets anders dan meestoken.
Bioafval
Biologisch afbreekbaar tuin- en plantsoenafval, levensmiddelen- en keukenafval van huishoudens, kantoren, restaurants, groothandel, kantines, cateringfaciliteiten en winkels en vergelijkbare afvalstoffen van de levensmiddelenindustrie.
Artikel 1.1 lid 1 Wet milieubeheer
De volgende afvalstoffen vallen geheel of gedeeltelijk onder het begrip ‘bioafval’ en worden in het CMP gebruikt om specifieke vormen van bioafval aan te duiden: gft-afval, levensmiddelenafval, groenafval, swill, grof tuinafval, plantsoenafval, organisch bedrijfsafval, etc.
Biogrondstoffen
Alle typen van biotische substantie van plantaardige of dierlijke origine (inclusief microbiële origine), zoals grondstoffen, materialen, producten, residuen en afvalstoffen uit de landbouw, bosbouw, visserij, aquacultuur, industrie en huishoudens (bijvoorbeeld groente-, tuin-, en fruitafval). Deze definitie is vergelijkbaar met het begrip biomassa.
Biomassa
Alle typen van biotische substantie van plantaardige of dierlijke origine (inclusief microbiële origine), zoals grondstoffen, materialen, producten, residuen en afvalstoffen uit de landbouw, bosbouw, visserij, aquacultuur, industrie en huishoudens (bijvoorbeeld groente-, tuin-, en fruitafval). Deze definitie is vergelijkbaar met het begrip biogrondstoffen.
Bodemvreemd materiaal
Bodemvreemd materiaal is ander materiaal dan grond, al dan niet met een korrelgrootte van meer dan 2 millimeter.
Bouw- en sloopafval
Afvalstoffen die geproduceerd worden door bouw- en sloopwerkzaamheden.
Artikel 3 lid 2 quater Kaderrichtlijn afvalstoffen
In het CMP betreft dit afvalstoffen die vrijkomen bij het feitelijk bouwen, renoveren en slopen van gebouwen en andere bouwwerken, waaronder ook werken in de weg- en waterbouw.
Bouwstof
Materiaal dat is bestemd om te worden toegepast, waarin de totaalgehalten aan silicium, calcium en aluminium tezamen meer dan 10 gewichtsprocent van dat materiaal bedragen, met uitzondering van vlakglas, metallisch aluminium, grond of baggerspecie.
Artikel 1 lid 1 Besluit bodemkwaliteit
Op grond van de milieubelastende activiteit ‘toepassen als bouwstoffen’ mogen alleen bouwstoffen worden toegepast die voldoen aan de voor bouwstoffen geldende kwaliteitseisen, bedoeld in artikel 25d, eerste lid, van het Besluit bodemkwaliteit. Deze kwaliteitseisen gelden op grond van het Besluit activiteiten leefomgeving bijvoorbeeld niet voor het toepassen van bouwstoffen binnen een gebouw, als de bouwstoffen zo worden toegepast dat geen contact met hemelwater, oppervlaktewater of grondwater kan optreden.
Bouwwerk
Constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren, met inbegrip van de daarvan deel uitmakende bouwwerkgebonden installaties anders dan een schip dat wordt gebruikt voor verblijf van personen en dat is bestemd en wordt gebruikt voor de vaart.
Bijlage A Omgevingswet
Bronscheiding
Wijze van afvalscheiding waarbij door de ontdoener deelstromen gescheiden worden ingezameld op de plaats waar de afvalstoffen zijn ontstaan. Een andere vorm van afvalscheiding is nascheiding.
Bruidsschat
Onder de Omgevingswet verhuist een aantal regels van het Rijk naar gemeenten. Het Rijk heeft er met een Invoeringsbesluit voor gezorgd dat de regels voor gemeenten automatisch in het tijdelijk deel van het omgevingsplan komen. Dit wordt de bruidsschat genoemd.
Gevaarlijke afvalstoffen
Afvalstoffen die een of meer van de in bijlage III bij de Kaderrichtlijn afvalstoffen genoemde gevaarlijke eigenschappen bezitten.
Artikel 1.1 lid 1 Wet milieubeheer
Deze abstracte definitie komt uit de Wet milieubeheer. In Nederland is dit opgenomen in de Regeling Europese afvalstoffenlijst. De laatste bevat een lijst met afvalstoffen waarin alle gevaarlijke afvalstoffen met een * zijn gemarkeerd. Daarnaast deelt de Eural een aantal stoffen die zijn vermeld in bijlage IV van de POP-verordening in als gevaarlijk afval.
Voor zowel deze lijst als voor regels met betrekking tot het gebruik ervan, wordt verder naar deze regelingen verwezen en naar 'Omgaan met de Euralcode' van de Leidraad vergunningverlening afvalverwerking.
Eural
De Eural is de Europese afvalstoffenlijst. In deze afvalstoffenlijst benoemt de Europese Commissie specifieke afvalstoffen. Alle afvalstoffen vallen onder een van de codes van de Eural (Euralcode). De lijst geeft ook aan welke afvalstof gevaarlijk is of niet.
Meestoken
Afvalstoffen worden direct mee verbrand in een andere installatie dan een AVI (bijvoorbeeld als vervanger van kolen in een kolengestookte elektriciteitscentrale).
Biomassa
Alle typen van biotische substantie van plantaardige of dierlijke origine (inclusief microbiële origine), zoals grondstoffen, materialen, producten, residuen en afvalstoffen uit de landbouw, bosbouw, visserij, aquacultuur, industrie en huishoudens (bijvoorbeeld groente-, tuin-, en fruitafval). Deze definitie is vergelijkbaar met het begrip biogrondstoffen.
Biogrondstoffen
Alle typen van biotische substantie van plantaardige of dierlijke origine (inclusief microbiële origine), zoals grondstoffen, materialen, producten, residuen en afvalstoffen uit de landbouw, bosbouw, visserij, aquacultuur, industrie en huishoudens (bijvoorbeeld groente-, tuin-, en fruitafval). Deze definitie is vergelijkbaar met het begrip biomassa.
Nascheiding
Wijze van afvalscheiding waarbij na inzameling deelstromen worden gescheiden. Een andere vorm van afvalscheiding is bronscheiding.
Bronscheiding
Wijze van afvalscheiding waarbij door de ontdoener deelstromen gescheiden worden ingezameld op de plaats waar de afvalstoffen zijn ontstaan. Een andere vorm van afvalscheiding is nascheiding.